Schilder der kleine luyden ?

Zoals bekend duikt er nog altijd werk op van Roelandse, wat niet verwonderlijk is nadat hij ruim 60 jaar als beroepskunstschilder actief is geweest.
Je vraagt je dan ook af, wie kochten er zoal werk van hem en dat is niet altijd makkelijk te achterhalen. De werken worden vaak op een veiling aangeboden en dan kom je niets te weten over de eigenaar of herkomst van de werken.
Alleen bij de ruimer geprijsde werken van bekende namen wordt nog wel eens vermeld dat ze eerder bij grote veilinghuizen of gerenommeerde kunsthandelaren zijn geveild of verkocht.
Maar zo af en toe als ik ergens ben om schilderijen te fotograferen, krijg ik wel eens iets te horen over de herkomst van de nazaten van de eigenaren of van kopers die het bij een particulier hebben gekocht.

In een eerder gepubliceerd verhaal vertelde ik al eens over hoe Jan Roelandse toen hij pas in Leiderdorp woonde een opdracht kreeg van een dorpsgenoot om diens boerderij te schilderen. En ook in het verhaal van D.C. Brandt *1 wordt verteld hoe hij de reparatie van  buitenboordmotor betaalde met een schilderij.
Leiderdorp was vroeger een kleine gemeenschap, Roelandse kwam er te wonen in 1925 en 10 jaar later zo rond 1935 had het zo’n 2500 inwoners.
Zeker in moeilijke tijden zoals de crisisjaren ’30 de oorlogsjaren ’40 -’45 en de tijd daarna, is het denkbaar dat ook een sociale overweging de dorpsgenoten tot aankoop heeft bewogen.
Het wordt genoemd in een krantenartikel *2  over de schenking van het schilderij “Kastanjelaan in de sneeuw” aan de gemeente Leiderdorp.  Het hoofd van de Kastanjelaan school R. van der Hoek was een liefhebber van het werk van Roelandse.
Zoals hij aangaf had hij het schilderij niet alleen gekocht omdat hij het mooi vond, maar ook uit sociaal gevoel. “Roelandse verkocht in die tijd (rond 1937) niets. In bittere armoede en kou zat hij achter zijn vensterraam en schilderde het uitzicht op de Kastanjelaan in Leiderdorp “.
Het schilderij werd verkocht voor 150 gulden en de schilder was zeer gehecht aan het werk omdat hij beschouwde als zijn beste werk *3


Leiderdorp – Kastanjelaan in de sneeuw  1937 – J.C.Roelandse – Olieverf op doek – coll. gemeente Leiderdorp

Ook een gemberpot met bloemen werd gekocht in 1943 door de Leiderdorpse drogist, zeker voor de artiesten een krappe tijd en ook een matras werd verkregen door ruil in de plaatselijke winkel voor een schilderij.

Gemberpot met bloemen – J.C.Roelandse – Maroufle olieverf

Ook bij verschillende Leidse café s werd betaald met schilderijen. Het schilderijtje van de kerk van Katwijk zou volgens de eigenaar afkomstig zijn van de toenmalige eigenaar van “De Bonte koe” in Leiden.
Ook een aannemer (de scheepdswerf bijv.), een houthandelaar (de houtboot o.a.) en een verkoper van rijwielen en motoren kochten werk van hem
Zo kwam het dat veel werk van deze kunstenaar belandde bij de middenstand.
Roelandse was daarin zeker niet de enige van de Leidse scholers.
Een Leiderdorper vertelde dat hij een werkje van ‘van der Nat ‘. had.
“Het zijn maar strepen” meldde hij over dit werk en verder dat deze schilder met een map vol van zijn werk de deuren langs ging.
Toch was het niet alleen de middenklasse waar J.C.Roelandse contact mee had, want zo vertelde zijn zoon; ‘Mijn vader kwam ook wel bij de adel over de vloer, bijvoorbeeld bij iemand met de bijnaam de “Salontijger” ‘.  Hij grinnikte wat bij deze herinnering maar verder werden daar geen mededelingen over gedaan……

Noten

Tot een volgende keer !

* 1 Zie het eerste verhaal in het item anekdotes, wetenswaardigheden enz. op de museumsite.
* 2 Zuidhollandpost /Leiderdorp week 25/532 1996
* 3 De kunstenaar was een handige verkoper, dus of hij dit echt z’n beste werk enz. heeft gevonden??

De geschiedenis van een koopje

In december 2007 werd er op een veiling een werkje van Roelandse aangeboden met een richtprijs van 150 – 200 euro.
Het werd uiteindelijk afgehamerd op 80.- euro met zo ’n 29% opgeld kom je dan aan iets meer dan 100.- totaal.
Enkele dagen later verscheen er op Marktplaats een advertentie:
“Uit een boedel- opruiming recent verkregen, een mooi werkje van de schilder J.C.Roelandse”.
De titel niet dezelfde als op de veiling, maar was maar zo weinig gewijzigd dat het wel aannemelijk was dat het om hetzelfde werk ging.
Bijv.  “Boerenhuis” werd  “Huisje van een boer”  *1.
De grootte klopte wel.
Bij de veiling was er geen foto, op Marktplaats uiteraard wel.
Men kon de verkoper bellen, als men geïnteresseerd was in het aangeboden werk.

Ik had het werk op de veiling gemist, maar had er wel belangstelling voor.
Het was nog in de begindagen van de J.C.Roelandse-site en er was nog niet zoveel bekend over het werk van deze kunstschilder en de hoeveelheid werk, die hij tijdens zijn lange schildersleven had geproduceerd.
Uit het telefoongesprek bleek echter dat het werkje nu toch wel minimaal 500.- euro moest gaan opbrengen.  Uiteindelijk bood ik nog tot 250.- , maar dat was “helemaal geen prijs” waar de verkoper mee kon leven.
Het werkje werd ook geafficheerd als tentoongesteld op de ere-tentoonstelling van J.C.Roelandse in 1948 in de Lakenhal te Leiden, maar die was in 1949.
De datum 1948 werd toch gehandhaafd, ondanks mijn mededeling daarover.

Daar nu de afbeelding bekend was, was het ook mogelijk het werk verder te volgen.
Een bekende van me zag het werk in de winkel van de verkoper en daar moest het 650 .- kosten.
In mei 2008 meldde de nieuwsbrief van die kunsthandel echter:
“De periodieke aanbieding is ditmaal een werk van J.C.Roelandse.
Het schilderij kost de eerst reagerende gedurende deze periode slechts 500.- euro.”
De verkoop wilde niet vlotten.

In maart 2011 vond ik het werk daarom terug op Ebay, nu gericht op de Amerikaanse/ buitenlandse markt en aangeboden door dezelfde kunsthandel.
De prijs was in US dollars en de taal Engels.
Hij bieden kon beginnen bij $ 750.- , maar je kon het ook gelijk kopen voor $ 825.-
Het was een BARGAIN, ’n koopje dus.
De tentoonstellingsdatum in de Lakenhal was nu 1947 geworden.
De volgende ronde in oktober 2011 op Ebay was het koopje in prijs gestegen $ 995.- .
Het hielp niet.

In februari 2013 dook het werk weer op.
Op Marktplaats hield de betreffende kunsthandel *2 leegverkoop, waaronder ook het werk van Roelandse.
Er kon op geboden worden dit keer.
Kennelijk kwam er geen acceptabel bod.

In maart 2015 vond deze handelaar *3 zijn Waterloo op de Catawiki veiling.
Het werkje werd verkocht voor 55.- euro.

Zo blijft het voor de kunsthandelaar de kunst om de juiste kopers te vinden voor zijn collectie.
Want er is een groep kopers voor wie die $ 995.- niet meer is dan een eurocent of nog minder. 
Hoe krijg je die kopers geïnteresseerd in een schilderij van Roelandse?
Want bij die groep gaat het er vaak om dat ze kunnen zeggen:
“Kijk, ik heb hier een J.C.Roelandse aan de muur”.
Dan is het antwoord mogelijk:
“Nou en ? Heel Leiden en Leiderdorp hangt er vol mee”.
En op zo’n antwoord zitten ze niet te wachten……………….

 

Noten

Tot de volgende keer !

* 1 De titel was anders en meer specifiek.
* 2 Naam handelaar en kunsthandel zijn bekend, maar om reden van privacy niet genoemd. Het gaat mij om het verhaal.
* Het is wel zeker dat het steeds om dezelfde handelaar gaat.

Boerderij aan de Lage Waard

Op de inmiddels bij de J.C.Roelandse fans welbekende ” Roelandse-taxatie-dag” van het Leiderdorps Museum in 2012, kwam ook dit schilderij van Johannes Cornelis Roelandse boven water. ( zie hieronder)
Helaas heb ik geen heel goede foto daarvan, maar het schilderij is goed te zien op het filmpje van de genoemde dag op You tube.

Boerderij aan de Lage Waard te Koudekerk, mogelijk nu Alphen aan de Rijn – J.C.Roelandse – olieverf.

De toen 89 – jarige eigenaresse vertelde dat haar man het werk had gekocht in 1942 ter ere van hun verloving.  Als dat bij de schilder zelf is geweest, zal dat vast goed zijn uitgekomen voor hem, in die krappe oorlogstijd. Het schilderij had lange tijd in de kamer van de nieuwe eigenaars gehangen. maar paste inmiddels niet zo goed meer in het interieur, meldde de eigenaresse nog.

Uiteraard was zo’n duidelijke titel een aanleiding om op zoek te gaan naar ansichtkaarten of foto’s van de Lage waard in Koudekerk uit die tijd. Misschien was er nog één met die boerderij erop.
Maar ja, er bevinden zich op die plek geen monumentale gebouwen, dus veel foto- of kaartmateriaal was er niet te vinden.
Zo restte uiteindelijk, op een mooie zonnige lentedag, een reis en fietstocht die richting uit.

Ik geloof wel dat onderstaande foto ‘s, die ik op de Lage waard gemaakt heb, de plek aangeven waar het schilderij gemaakt is.
De vorm van het hoofdhuis komt overeen en ook het op het schilderij afgebeelde bruggetje naar rechts, is daar in de buurt te vinden.
Goed, bekijk de bijgaande foto ’s en oordeel zelf…….

;

Foto genomen even voorbij de boerderij. Aan de rechterkant het bruggetje dat richting de Rijn gaat.

De boerderij kan zijn veranderd/verbouwd sinds 1942, want dat is toch zo ’n 75 jaar geleden, maar ook is het schilderij mogelijk een wat vrije interpretatie van de toenmalige situatie.

*1
(klik op foto’s voor vergroting en terug via witte pijl in blauw rondje linksboven)

Op deze laatste foto  lijkt de overeenkomst het grootst, zij het dat het bruggetje naar de Rijn nog achter het huis ligt en niet zoals op het schilderij achter de hooiberg.
Aardig is nog dat het witte vlekje rechts op de foto, een rondscharrelende kip is.
Iets wat eerder op het schilderij van Roelandse past, dan op een foto uit 2017………

Noten

Tot een volgende keer !

Mocht u een foto of aanvulling hebben, dan kunt u reageren via de contactmail van de J.C.Roelandse site.

*1   Alle foto’s gemaakt door de schrijver van dit blog.

 

 

 

&nbs

Diodora Apertura

In mijn jeugd zwierf ik graag langs het strand, het was de snuffelmarkt avant la lettre.
Wat zocht ik er? Van alles eigenlijk, ’n beetje weersafhankelijk. Maar schelpen hadden altijd wel mijn interesse. Soms tussen de aangespoelde schelpen vond je dan wel eens een minder algemene.
Zo vond ik op een dag in 1971 een piramide-achtig schelpje bovenaan in het zand, bijna tegen de duinen aan.
Eerst dacht ik dat het ging om een Patalla vulgata of aanverwante soort, die was aangevreten door een of ander dier.
Echt een kenner was ik niet, maar de gangbare hoofdsoorten kende ik wel als “die vind je wel op strand”.


Patella

Maar een schelpenboekje gaf een andere schelp.

Een Diodora Apertura

Diodora Apertura, het originele exemplaar door mij gevonden in 1971

Er was, zo bleek, maar 1x eerder zo ’n exemplaar in Nederland gevonden.

 

Blz. 179 uit : Schelpen vinden en herkennen -B.Entrop -Uitgeverij Thieme Zutphen, geen jaartal, vermoedelijk rond 1969. 2e druk was in 1971.
Op deze blz. onderaan ‘ Voorkomen: Zeer zeldzaam. Slechts 1 vondst – op een kurk -van Camperduin bekend. De soort leeft o.a. aan de Franse westkust.

Ik schreef een brief naar de Teylers Stichting en kreeg ook een briefje terug met de bevestiging dat het om een Diodora Apertura of Sleutelgathoorn ging.
Bij de beschrijving had ik wat teveel op het boekje van Entrop geleund en de kleuren, die nog maar enigszins te zien waren, wat al te optimistisch weergegeven.
Dus Van Regteren Altena (van de Teylers stichting) concludeerde; mogelijk een aangespoeld exemplaar.
Het gaat hier om een fossiel exemplaar, concludeer ik nu.
Zo te zien aan de verkalking.
Ook kan de vindplaats, bovenaan het strand, dicht tegen het duin aan, daarop wijzen.
Nu zou je gewoon even een foto mailen, maar een foto maken was toen een heel proces, ontwikkelen enz. duurde vaak een tijd.
En je moet ook een toestel hebben natuurlijk, toen geen vanzelfsprekendheid.
Ook zou je dan geen beschrijving sturen voor de bevestiging van je vondst.

Hoe zou men daarmee nu omgaan ?
Want schelpen uit de hele wereld zijn te koop en mensen nemen schelpen mee uit allerlei landen.
Ook ik vond wel eens op een vakantie in het buitenland een ander exemplaar van de Diodora Apertura .

En bij vrienden lag er één op de schaal met schelpen uit de vakanties.

En dan vraag ik me af, hoe kun je nog bewijzen dat je zo’n schelp gevonden hebt op het Nederlandse strand ?
Je moet al bijna met meer mensen zijn geweest en ook nog beseffen dat je iets bijzonders vindt.
Zodat je kunt zeggen: “Kijk ‘ns jongens wat ik hier vind !”.
Klik, klik, klik met de mobiel.
Maar ja, zelfs dat kun je in scene zetten.

Wat heeft dit verhaal met Roelandse te maken, zult u misschien denken.
Ik wil nog ‘ns laten zien dat door globalisering en voortgang van de techniek er veel veranderd is.
Je moet het werk van Roelandse in een tijd moet plaatsen met veel minder communicatiemiddelen en vergelijkingsmateriaal.
Al lijken de jaren ’60 en ’70 van de 20ste eeuw soms nog niet zo heel ver weg, toch is er veel veranderd.
En dat is soms ook wel een nadeel.
Sommige mensen vinden het spijtig als blijkt door dit blog of door het virtueel museum, dat ze niet de enige zijn die een schilderij met bijv. een huisje, een bruggetje en een weggetje van Roelandse hebben. Zie het vorige blog.
Bedenk dat als hij een werk verkocht in Groningen en een zelfde werk in Leiden, geen mens ooit  zou weten dat hij misschien geheel of gedeeltelijk van een zelfde schets was uitgegaan…..toen ?

Ook zijn schilder- en kopieertechnieken verbeterd en handtekeningen van kunstenaars digitaal beschikbaar. Het wordt daardoor veel lastiger vast te stellen wat echt is en wat kopie. Zo komt het, dat niet elk werk onder zijn naam verkocht recht doet aan de schilder J.C.Roelandse.
Maar het is een beetje als met de schelp op het strand, bewijs maar eens dat hij niet  of juist wel op het Nederlandse strand gevonden is.
Kon van Regteren Altena nog opmerken n.a.v. het feit hoe die schelp daar op het strand  gekomen was:  “Je hebt in ieder geval een Diodura Apertura!
Bij een schilderij met de naam J.C.Roelandse erop , kun je niet altijd zeggen; u hebt in ieder geval een ROELANDSE.
Je kunt alleen nog zeggen:
“U hebt in ieder geval een schilderij”……………

Noten

Tot een volgende keer

&nbsp

Waar begint het ?

Elke kunstenaar maakt een andere start met zijn schilderijen.
Je weet niet altijd wat de werkwijze is, want je ziet vaak alleen het eindresultaat.
Maakt de schilder eerst een aantal schetsen ? Of eerst een voortekening op het doek, die hij inkleurt ? Of begint hij zomaar te kwasten ?
Dat laatste is bij Roelandse wel voorstelbaar, daar zoals hij zelf wel eens zei, hij de tekening als het ware al op het doek zag.
Er zijn wel tekeningen en schilderijen  van hem bekend met hetzelfde onderwerp, waarvan het schilderij goed een uitwerking van de tekening zou kunnen zijn.

In zekere zin valt er bij de volgende serie wel iets voor te zeggen.
In 1924 werd er in het weekblad Panorama een tekeningetje van Roelandse geplaatst.
Een simpel schuurtje in de sneeuw.
Verder is er nog een etsje bekend en een aantal varianten van schildertijen met hetzelfde onderwerp en ééntje (een bruggetje) mogelijk van de andere kant bezien.

Je weet echter niet wanneer de werken zijn gemaakt, want ze zijn niet gedateerd
Voor het etsje is een klein bewijs dat het in dezelfde periode gemaakt is als het tekeningetje, een verzamelaar had wat etsjes van Roelandse uit Sassenheim, waaronder deze.
Ook staat op één van de schilderijen “Zandsloot Lisse”  dus mogelijk ook gemaakt in de Sassenheimse periode (1920-1924), wat overeenkomt met de plaatsing van het tekeningetje in Panorama in 1924
Wat en hoe de volgorde is geweest, valt niet te zeggen. Maar dat de start is gemaakt met het tekeningetje is toch wel aannemelijk.
Omdat veel eigenaren bij wie ik kwam fotograferen nog wel wisten wat het werk kostte en wat er werd gezegd toen ze het kochten (niet bij de kunstenaar, maar in de handel of bij particulieren), heb ik dat er voor de aardigheid bij geschreven.

Tekening – J.C.Roelandse in weekblad Panorama 1924 voor bijgaande tekst zie archief

 

Verkoper:” Nou vooruit eigenlijk wil ik  er 60 voor hebben, maar 55 dan…..”

 

“Veilingmeester: ” 130 wie biedt ? 140 is bij mij… 150 internet ..160  ….170 …180 is bij mij … 190 eenmaal, andermaal …voor de nummer … ” 

Handelaar: “O, dat vind ik leuk een familielid van de kunstenaar  …u mag hem voor 45  meenemen. ” Toevoeging koper: “Aan het schilderij hing een prijskaartje van 85”

Man :” Of zullen we hem toch maar weer ophangen ?  …..Vrouw: “Nee de lijst is beschadigd, ik wil hem niet meer aan de muur” ……..Man: ” Nou 200 dus “

Verkoper:” U stelt voor 200, ik dacht aan 250,  laten we het bedrag maar middelen 225 dus ”  

 

Veilingmeesteres: 110 euro voor biednummer …. Een ECHTE ROELANDSE voor (maar) 110 euro ”

Dit laatste was in juli 2006 en in de daarop volgende jaren zijn de prijzen voor Roelandse’s alleen maar gedaald, nu is 110 niet meer uitzonderlijk. De genoemde prijzen van de andere werken vallen ook binnen de afgelopen 10 jaar.

Alle werken zijn gesigneerd J.C.Roelandse, bij de tekening staat J.C. Roelantse, maar omdat er meer werk van hem is gepubliceerd in de Panorama, zoals daar wordt aangekondigd is het wel zeker dat het een slordigheid is.

Noten

Blog voorlopig ben ik uitgeschreven na zo’n 4 jaar bloggen en een virtueel boek nog voor die tijd.
U moet zo af en toe nog maar ‘ns checken of er nog wat nieuws opduikt.

De telefoon vervolg

Dit keer was het andersom, het was de nieuwe slideshow van maart, die leidde tot dit nieuwe blog.
Achterop een ansichtkaart daaruit stond met potlood geschreven R.C.Kerk Sassenheim 1910.
U ziet hem hierbij.

 

De schrik sloeg me om het hart, want er was geen tweede torentje op te zien en daarmee kon de theorie uit het vorige blog  over het schuurtje in Sassenheim van tafel.
Wikipedia vermeldde echter dat de kerk tussen 1913 en 1928 behoorlijk was verbouwd.
Gelukkig, er was nog hoop op redding, want de tweede spits kon tijdens die verbouwing zijn aangebracht.
Daarbij kwam nog, dat het huis of huisjes voor de kerk op de kaart, dezelfde zouden kunnen zijn als de huisjes, die je ziet voor de kerk op het schilderij.

Detail vorige foto

Ik ging op zoek naar een foto of kaart van de Sassenheimse R.K. kerk tussen 1913 en 1921 *1 met twee spitsen.
Het bleek echter moeilijk een exact gedateerd bewijs te vinden, want meestal stond er bij de kaart of foto, de in Wikipedia genoemde periode 1913-1928.
De bollenvelden bij de kerk brachten mij echter  op een idee, mogelijk was er wel een kaart te vinden van bollenvelden met het schuurtje uit het vorige blog daarop.
En na heel wat sites met oude ansichtkaarten te hebben doorploegd, vond ik uiteindelijk wel twee kaarten vermoedelijk uit de buurt van Sassenheim.

Schuurtje tussen Sassenheim en Lisse ?

Als je het schuurtje hierboven (kaart uit 1925) bekijkt, dan zie je een gammel schuurtje in tegenstelling tot het schuurtje hierbeneden. Dat schuurtje (kaart uit 1910) ziet er erg solide uit, maar lijkt verder veel op het geschilderde schuurtje van Roelandse. Het vierkantje rechtsboven klopt en ook is er een afscheidingspaaltje te zien rechts in het midden en er is een duidelijk stukje afgebakend land bij..
Het kan in 11 jaar dan best in vervallen staat zijn geraakt.(Schilderij gemaakt 1921)
Terwijl je hierbeneden (nog ?) geen uitsteeksels ziet, is het dak van het bouwsel op het schilderij een rommeltje. .

.

Deze kaart is gedateerd rond 1910, dan klopt het dat de kerk nog geen tweede torentje heeft en kan het ook goed zijn dat het schuurtje er nog netjes uitziet.

De twee achterneven *2  van de kunstschilder, werkten  in Sassenheim als bloemistenarbeider.
Eén van hen Petrus Roelandse woonde in de Van Heemstrastraat 9 en toen J.C.Roelandse in Sassenheim kwam wonen, was dat op de Van Heemstrastraat 23A.
Dus J.C. Roelandse zal daar wel contact mee hebben gehad en dan is een schilderij van zo’n bollen – of kippenschuurtje eigenlijk best logisch.

Of de afgebeelde bouwsels nou het geschilderde zijn, blijft de vraag.
Er zijn meerdere kaarten met zo’n schuurtje.
Ook wil de naamgeving nogal eens te wensen over laten, dan staat er alleen ‘Groeten uit Bollenland’ of ‘Hyacinthenvelden’. Of  er staat  bijv. op de ene kaart Lisse en op een iets andere uitgave van dezelfde kaart Sassenheim.
En er waren mogelijk wel meerdere van die schuurtjes in de omgeving van Sassenheim, want ook op kaarten uit andere stukken van de bollenstreek zijn ze te zien.

Schuurtje nabij Hillegom

Schuurtje nabij Haarlem

Maar toch, één van die twee schuurtjes op de kaarten van Sassenheim zou het heel goed kunnen zijn.
Of misschien zijn ze het wel allebei, de één is uit 1910 en de ander uit 1925,  in 15 jaar kan er veel veranderen.
Ook toen.
In ieder geval ziet u het door J.C.Roelandse geschilderde schuurtje zo gemakkelijker in een groter landschap of zo u wilt, een breder perspectief.

 

Noten

Volgend blog rond 27 maart.

*1 ) In 1921 werd het werk geschilderd.

*2 ) Cornelis Roelandse (1828) x Maria Zwarts 1e huwelijk

2e zoon Willem Roelandse (1855) diens zoon J.C.(Jan) Roelandse (1888) kunstschilder

Cornelis Roelandse (1828) x Maria Meulendijk 2e huwelijk
zoon Petrus Roelandse (1872) twee van zijn kinderen werkten in Sassenheim; Paulus Cornelis Roelandse (1896) en Petrus Roelandse (1900)

 

 

Telefoon

De telefoon ging.

“Ja, hallo  meneer….., ik heb weer een Roelandse gekocht, wilt u hem weer fotograferen ? Of misschien kan ik ook wel zelf een foto maken, maar u mag ook best langs komen hoor”.
Nu sprong in de beginjaren (2007 e.v.)  mijn hart op van vreugde bij zo ’n vraag, weer een ROELANDSE.!!  Ik had in die tijd niet echt een notie van hoeveel werk deze schilder gemaakt had in zijn lange carrière, laat staan dat ik eraan dacht dat er ook talloze zeer dubieuze werkjes met zijn naam in omloop zijn.

De dames en heren van Kunst en Kitsch zullen wel gehard zijn in dit soort zaken, maar ik sta niet te springen, als ik daar iemand zie glimmen van trots bij zijn pas verworven Roelandse, om hem of haar mede te delen dat ik er geen werk van J.C. Roelandse in zie.

Nu ja, toch maar op pad en het bleek alleraardigst deze keer.
“Kijk” :zei de eigenaar en vervolgde: “Dit is toch duidelijk hetzelfde schuurtje en hij hield het schilderij naast een ander werk van deze kunstschilder, dat is toch leuk ?
Dat 1e schuurtje hebt u al eens gefotografeerd. Ik heb het destijds via marktplaats gekocht voor 100 euro. Ik heb het opgehaald bij een oud dametje met de trein.
Ik vind zoiets dan wel een aardige onderneming. Was het geen 110 vroeg ze nog, maar nee, dat was een latere bieder,  toen de prijs al overeengekomen was.
Of het was gesigneerd had ik nog aan haar zaakwaarnemer gevraagd.
Nee, ik dacht het niet antwoordde die. Wel was er op de achterkant met forse verfstreken  “J.C.Roelandse  Sassenheim schuur Zandsloot 1921″  geschreven.
Het werkje bleek wel degelijk rechtsonder gesigneerd toen ik het in het zonlicht hield” ; zei de koper.


Schuur Zandsloot – Sassenheim- 1921 -J.C.Roelandse – olieverf – maroufle

En raadt u eens voor hoeveel ik dit nieuwe werk gekocht? “.
Nu dat leek niet moeilijk, 100 euro zeker ?.
“Niet helemaal, want ik heb het op een veiling gekocht, werd wel afgehamerd op 100 euro. Het veilinghuis vraagt echter  29% opgeld, dus eigenlijk zit je dan zo aan de 130 euro. Het werk werd ook verkocht als ongesigneerd en met in verso * 1  “J.C.Roelandse 1921”  Na enig puzzelen bleek daarbij nog heel vaag te staan “schuur Zandsloot” en het bleek ook wat duidelijker leesbaar op het spieraam geschreven.
En wat denkt u ? Ook dit werk was rechtsonder aan de voorkant gesigneerd !! “.


Schuur Zandsloot  – 1921 – J.C.Roelandse – olieverf op doek

Tevreden ging ik met de foto ’s naar huis.
Het schuurtje was zoals u ziet van een andere kant geschilderd.
De verschillende gaten in de planken lijken vanuit uit de verschillende benaderingshoeken wel met elkaar te kloppen, als u één van de schuren in gedachten draait.

Details uit de bovenstaande werken, vergelijk de open plekken.

Aardig is dat bij dit tweede werk op de achtergrond een kerk te zien is, die met zijn grote en kleine spits best de R.k.kerk van Sassenheim zou kunnen zijn.


Detail uit genoemd werk


Sassenheim R.K.kerk

Ja, ik weet het, er zijn door het land meerdere kerken met een grote en een kleine spits.
Maar…..
Alle feiten bij elkaar;
Achterop één werk staat Sassenheim
Datum op de werken 1921 : Woonde in Sassenheim 1920-1924
Zandsloot : Er is er één bij Sassenheim
Kerk met 2 spitsen : Er is er één in Sassenheim.

Hebben we hier toch een mooi beeld uit de omgeving van Sassenheim door J.C.Roelandse op doek vastgelegd.

Noten


Volgend blog rond 6 maart

*1  in verso = op de achterzijde

De laatste Bomschuit

In onze nieuwe slideshow van februari zult u bomschuiten kunnen zien.
Dit waren vissersschuiten, die vooral in de Nederlandse kustplaatsen werden gebruikt.
Zij hadden als voordeel dat zij door hun platte bodem gemakkelijk op het strand konden liggen en er dus geen haven noodzakelijk was om een vissersvloot te kunnen hebben.
De schuiten stranden als het ware op het strand en werden m.b.v. paarden en rollers weer in zee gebracht.
Zo in de 17e eeuw kwamen ze in gebruik en hun bestaan liep ten einde aan het begin van de vorige eeuw.
In 1913 voer de laatste bomschuit in Noordwijk uit en in Katwijk was dat in 1918.
De ondergang van de bomschuit, bijv. in Katwijk in de periode 1896-1915, valt zo ’n beetje in de bloeitijd van de Haagse school. Deze kunstschilders wilden juist de vissersdorpen en het rauwe bestaan daar, aan het schilderdoek toe vertrouwen.
Dus ook de kenmerkende vissersschepen van deze dorpen.

Van Roelandse zijn ook enige werken bekend met bomschuiten, al zijn de meeste schilderijen waarschijnlijk van een later datum dan reële gebruiksdatum van de schuiten.
Er is één gedateerd werk van Roelandse, niet in de zin dat er een datum op staat, maar het is geplaatst in de Waterkampioen *1 van 1930.


De laatste bomschuit – schilderij J.C.Roelandse – illustratie uit  de Waterkampioen 1930.

De titel van dit werk geeft al aan dat het in die tijd gedaan was met de bomschuit.
Er kwamen havens in sommige kustplaatsen en de trage en logge schuit werd vervangen door een sneller, wendbaarder type.
In Zandvoort was de laatste bomschuit in 1929 en die werd nog een tijdje tentoongesteld in het “Kostverlorenpark ”  daar, maar in de oorlog ’40 – ’45 opgestookt als brandhout *2

Het werk uit 1930 heeft als nadeel dat er geen referentiepunt is, waaraan je kan zien hoe groot dit schip is. Het kan een bootje zijn, maar ook een boot.
Een ander werk met een bomschuit werd in 1954 ingeleverd bij de B.K.R.


Olieverf – J.C.Roelandse – collectie gemeente Leiderdorp – ingeleverd 1954 voor B.K.R.

En eigenlijk krijg je daar dan het idee dat het paard en de wagen, die in de beschutting van de boot staan, te klein zijn.
Ook op een werk dat op Marktplaats te koop wordt aangeboden denk je dat de verhouding schip en paard en wagen niet goed is. Het is niet bekend wanneer dit werk gemaakt is, al zou het goed uit een nog latere periode kunnen stammen.

Al met al zijn er nog wel wat bomschuiten te vinden in Roelandse ’s oeuvre, op onze site onder “schilderijen-schepen” vindt u er nog, in Amerika werd er niet heel lang geleden één geveild bij Clar’s, op de dorpstentoonstelling in de Dorpskerk te Leiderdorp was er, naast die van de gemeente, nog één te zien.

Bomschuit -J.C.Roelandse -illustratie uit het tentoonstellingsboekje J.C. Roelandse in de Dorpskerk 1983

Opvallend is de veelal zijwaartse ligging van het schip, terwijl ze in ’t echt vaak met de kop of kont naar de zee stonden.

Je moet soms toch ook wat onderwerp-kennis hebben om te kunnen zien wat de juiste proporties zijn.
Het oordeel daarover kunt u zelf vormen aan de hand van de komende slideshow van 1 februari 2017.

Noten

Volgend blog rond 20 febr.

*1 Blad over watersport uitgegeven door de A.N.W.B.

*2 Informatie uit de verschillende artikelen op internet over Zandvoort en bomschuiten.

Geluk

Alle wensen voor 2017 zijn al weer verstomd, maar het deed me wel denken; .
Geluk moet je soms hebben, anders kom je nergens of zoals het spreekwoord zegt:
“Zonder geluk vaart niemand wel”.

Bij de RKD  * 1 ging ik in de jaren ’80 op zoek naar materiaal over Roelandse en ze hadden daar wel het één en ander.
Veelal zwartwit, maar ook twee werken in kleur, die uit een tijdschrift leken te komen.

Afbeelding werk -J.C.Roelandse – Kleurenprint RKD

De ene plaat ziet u hierboven, op de andere plaat genaamd “Lente ” , stond ‘Panorama’ achterop.
Dat leidde tot de conclusie, dat ze beiden uit het tijdschrift ‘De Panorama ‘ stamden.
Ze waren niet gedateerd, dus bleek het moeilijk te achterhalen in welk jaar ze waren gepubliceerd.
Via via vond ik uit, dat er een afbeelding van een ander schilderij van Roelandse, getiteld ‘ De Pottenbakker ‘,  in de Panorama van 1926 stond.

Ik ging op zoek en het eerste dat ik vond, was een jaargang 1926/1927 *2.
Daar stond wel een schilderij van Roelandse in,  een havengezicht in Zierikzee, dus pech ?
In zoverre dat ik het gezochte schilderij niet vond, maar natuurlijk wel een nieuwe ontdekking.
Ik vervolgde mijn zoektocht naar een complete jaargang 1926 of die van 1925/1926 met de eerste helft van 1926.
Het werd 1925/1926 en daarin stond de Pottenbakker en ook nog een wintergezicht van de Zijlsingel in Leiden.
Er was echter geknipt in deze jaargang, dus wie weet wat er nog miste.
Ik besloot op zoek te gaan naar een complete jaargang 1926.
Ik kocht er één voor 50 euro en ik kreeg waar voor mijn geld.
Het Paasnummer had een voorplaat en dat was de afbeelding, die ik had gezien bij de RKD.
Een mooie gekleurde voorplaat, nog best bijzonder in 1926
In ieder geval wel bij de Panorama, alleen met Pasen, Pinksteren en Kerst was dat het geval.


Voorplaat Panorama 1926-J.C.Roelandse

“Nu”: zei een verzamelaar van Panorama’s uit het Noorden des lands :
“Dan heb je veel geluk gehad, want de voorbladen zitten er meestal niet bij”.

Dat komt omdat het achterblad gevuld was met reclameadvertenties.
Het voor- en achterblad werden op 1 vel gedrukt, dat werd dubbelgevouwen.
Kennelijk wilde men, over het algemeen, geen reclame erbij, als de bladen werden ingebonden in een boek en werd om die reden ook de voorpagina weggelaten.
Vind je wel een mee ingebonden voorpagina, dan zit er ook een achterblad met reclame bij, dat normaal ontbreekt.
Later bleek ik nog meer geluk te hebben gehad met deze ingebonden voorpagina, want onderaan de bladzijde rechts was nog een klein stukje handtekening zichtbaar.

Bij een andere jaargang, die ik later te zien kreeg, was de handtekening weggesneden.

En had ik die jaargang gekocht, dan had je geen zekerheid gehad dat Roelandse die voorplaat gemaakt heeft. Dan heb je van die bijdehanten die zeggen:
“O. hij zal het wel nageschilderd hebben “.

Bij een kunsthandel bij de Morschpoort dook ook het originele schilderij op.
Het was kleiner dan de hele pagina in de Panorama en iets groter dan de reproductie van de RKD.

J.C.Roelandse -olieverf -maroufle

Hoe komt het dat het schilderij niet even groot is als de voorpagina ?
Dat opent weer mogelijkheden voor allerlei speculaties.
Ik vermoed niet, dat de schilder de opdruk  ‘Paaschnummer’  op die voorkant ook geschilderd heeft.
Dus het is goed denkbaar dat het schilderij voor de voorplaat iets is aangepast.
Het originele schilderij zou dan kunnen zijn gebruikt voor de reproducties, die ingelijst verkocht werden aan de abonnees  *3. De print van de RKD zou er één van kunnen zijn.

Het zou natuurlijk kunnen dat iemand de print van de RKD heeft nageschilderd, maar ja dat is een mogelijkheid bij elke publicatie/reproductie van een schilderij.
Die kans acht ik ook gering, zeker daar het schilderij een specifiek kenmerk van Roelandse’s schilderstijl bevat, dat op de voorplaat niet zo opvalt.
En als je de print van de RKD onder de voorplaat met het stukje handtekening schuift, dan past de handtekening precies.
Echt een gelukje dus deze voorplaat.

Noten

* 1 RKD = Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis.
R.K.D. = Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie. (de oude naam).

*2 De jaargangen liepen van juli het ene jaar tot juni van het volgende jaar.
Er werden verschillende keuzes gemaakt bij het inbinden.
Soms koos men voor de jaargang nummer 1 t/m nummer 52. Dan heb je bijv. juli 1925 tot juni 1926.
Anderen kozen voorde maanden en dan heb je gewoon jan. t/m dec. van 1 jaar.

*3 In ons archief vindt u een stukje uit de Panorama van 1923 waarin staat dat men een ingelijste voorplaat kan bestellen. Daarvoor was toen veel belangstelling.
U vindt het bij de ‘ De voorplaat van de Panorama’ onder ‘Voorblad Panorama door J.C.R. ‘
Niet die erboven dus.

 

 

Een portret

Ja, wat denkt u van dit portret ?

3-februari-boven
Portret van een vrouw – tekening met krijt – J.C.Roelandse

Mogelijk een moslima ?
Dat is in het Nederland van nu geen onbestaanbare gedachte.
Een recente reactie van iemand op deze tekening: “Ik associeer het met onvrijheid “.
Kennelijk er van uitgaand dat een vrouw verplicht wordt een hoofddoek te dragen en dat het geen vrijwillige keuze is.
Goed, dat is een complexe discussie en het zal per persoon verschillen hoe een vrouw het dragen van een hoofddoek ervaart en het  is ook  afhankelijk van wat haar verdere omstandigheden zijn.

De tekening is uit familiebezit, dus zeker van de hand van J.C.Roelandse en de familie meldde dat hij eind jaren ’60  was gemaakt.
Er waren toen nog nauwelijks moslims in Nederland, het is dan ook minder waarschijnlijk dat zij de inspiratiebron zijn geweest.
De kunstenaar maakte in die tijd nogal eens religieuze voorstellingen en het is goed mogelijk dat het een Bijbelse vrouw voorstelt.

De schoondochter was onmiddellijk weg van dit portretje.
Ze wilde het echt heel graag hebben, maar  over ’t algemeen gaf de kunstenaar zelden werk cadeau.
Wat trok haar dan zo aan in dit portret ?
“Ik zie er een zigeunerin in, die heerlijk vrij over de wereld zwerft ” …..
Zij zag er dus juist vrijheid en ongebondenheid in.
Een heel andere reactie dan de reactie aan het begin van dit blog op dit portret.

Deze persoonlijke interpretatie uit de jaren ’60 is natuurlijk niet maatgevend, maar geeft wel aan hoe moeilijk het moet zijn om een juiste interpretatie van een schilderij te maken.
Zeker als dat stamt uit vroeger tijden.
Cultuur en gedachtengoed verschilden toen veel van nu en we weten ook niet alles van die tijd van vroeger.
Je merkt door dit simpele tekeningetje weer eens hoe snel de kijk op mensen en zaken kan veranderen.

Het blijft altijd persoonlijk wat we in een schilderij zien en dat maakt het juist zo aardig om er één aan de muur te hebben en zorgt er gelukkig voor dat niet iedereen hetzelfde schilderij aan de muur wil.

logo

Noten

Volgend blog misschien eind december anders  rond 16 januari